Overzicht van de regeling (uitleg)
Intrekking van de verblijfsstatus houdt in dat de overheid, onder meer, de verblijfsstatus intrekt van een vreemdeling in Japan, wanneer hij of zij op grond van onjuistheid of anderszins onrechtmatige middelen toestemming tot het betreden van het grondgebied of een afgifte/verlenging daarvan heeft verkregen, of wanneer hij of zij gedurende een bepaalde periode in Japan is gebleven zonder de oorspronkelijke, bij de verblijfsstatus horende activiteiten te verrichten (art. 22-4 van de Wet inzake inreizen, uitzetting en inburgering van vreemdelingen; hierna de ‘IAA’).
De intrekking is geen procedure die u als vreemdeling ‘aanvraagt’; wanneer de Minister van Justitie feiten aannemelijk acht die onder een intrekkingsgrond vallen, trekt de overheid de verblijfsstatus als administratieve beschikking in.
Vereisten voor intrekking (overzicht intrekkingsgronden)
De Minister van Justitie kan, wanneer één of meer van de volgende feiten aantoonbaar zijn, de verblijfsstatus intrekken die de vreemdeling op dat moment heeft (art. 22-4, lid 1, van de IAA).
- Indien toestemming tot landing is verkregen doordat – door onjuistheid of anderszins onrechtmatige middelen – de oordelen van de immigratiecontroleur over de toepasselijkheid van weigeringsgronden voor toelating tot het grondgebied ten onrechte zijn beïnvloed.
- Anders dan in (1): indien toestemming tot landing is verleend doordat u – via onjuistheid of anderszins onrechtmatige middelen – de activiteiten die u in Japan zou uitoefenen verkeerd heeft voorgesteld, en daarmee toestemming tot landing hebt verkregen (bijv. iemand die eenvoudig arbeid wil verrichten die als ‘technische’ activiteit in de zin van de verblijfsstatus wordt voorgewend) of andere feiten dan de geplande activiteiten in Japan verkeerd heeft voorgesteld (bijv. wanneer de aanvrager de eigen beroepsgeschiedenis verkeerd heeft opgegeven);
- (1) of (2) buiten toepassing: indien u op basis van onjuiste documenten toestemming tot landing hebt verkregen. Onder dit lid is opzet aan uw zijde niet vereist.
- Indien u bijzondere toestemming tot verblijf hebt verkregen door onjuistheid of anderszins onrechtmatige middelen.
- Verblijfsstatussen in tabel 1 bij de IAA (diplomatie, publieke diensten, hoogleraar, kunst, religie, media, specifiek hooggekwalificeerde arbeid, directie/management, juridische en boekhoudkundige beroepen, medische zorg, onderzoek, onderwijs, techniek, geesteswetenschappen en internationaal, intracorporatieve overplaatsing, zorg, entertainment, vakvaardigheid, specified skills, technische stage, cultuur, kort verblijf, studie, opleiding, gezinsverblijf, specifieke activiteiten) – personen met een van die statuten die de bij de status horende activiteiten niet uitoefenen, maar wél andere activiteiten (laten) verrichten of (willen) verrichten (behalve wanneer daarvoor een rechtvaardige reden is). *Van toepassing sinds 1 januari 2017.
- Indien u een verblijfsstatus uit tabel 1 van de IAA hebt, maar de bij die status horende activiteiten gedurende ten minste drie opeenvolgende maanden niet hebt verricht (behalve wanneer u een rechtvaardige reden hebt om die activiteiten niet te verrichten);
- Indien u verblijft op grond van ‘echtgenoot of familielid van een Japanner’ (uitgezonderd kind of bijzondere adoptant van een Japanner) of van ‘echtgenoot of familielid van een permanente ingezetene’ (uitgezonderd kind van een permanente ingezetene) en u uw activiteiten als echtgenoot gedurende minstens zes opeenvolgende maanden niet hebt verricht (behalve wanneer daarvoor een rechtvaardige reden is);
- Indien u door landingstoestemming of wijziging vergunning mid-/langtermijnvreemdeling bent geworden en binnen 90 dagen geen woonplaatsmelding hebt gedaan bij de directeur van de Immigration Services Agency (behalve wanneer u een rechtvaardige reden hebt niet te melden);
- Indien u als mid-/langtermijnvreemdeling bent verhuisd van de bij de directeur gemelde woonplaats en binnen 90 dagen geen melding hebt gemaakt van een nieuwe woonplaats (behalve wanneer u een rechtvaardige reden hebt);
- Indien u als mid-/langtermijnvreemdeling een onjuiste woonplaats hebt doorgegeven aan de directeur.
Gevallen zonder intrekking (onder meer met een rechtvaardige reden)
Ook wanneer feiten in een intrekkingsgrond vallen, wordt niet ingetrokken wanneer er een rechtvaardige reden is. U vindt toelichting en voorbeelden in de openbaar gemaakte materialen van de Immigration Services Agency.
Verloop van de intrekkingsprocedure
Wordt de verblijfsstatus ingetrokken, dan dient in beginsel een immigratiecontroleur de vreemdeling wiens status wordt ingetrokken te horen. Tijdens die hoorzitting kunt u standpunten toelichten, bewijsstukken overleggen en om inzage in documenten verzoeken.
De gevolgen van een intrekkingsbesluit verschillen per intrekkingsgrond.
- Valt u onder (1) of (2): u kunt rechtstreeks in aanmerking komen voor uitzetting (gedwongen vertrek);
- Valt u onder (3) t/m (10): in beginsel ontvangt u een termijn tot maximaal 30 dagen om het land te verlaten, en dient u binnen die termijn uit eigen beweging te vertrekken. Onder (5) geldt: als er voldoende ernstige grond is te vermoeden dat u zich aan het toezicht zult onttrekken, kunt u onmiddellijk voor verwijdering (gedwongen vertrek) in aanmerking komen.
- Verlaat u binnen de vastgestelde termijn het land niet, dan kunt u onder uitzetting vallen en strafrechtelijk worden vervolgd.
Documenten die u voor de hoorzitting kunt overleggen (ter referentie)
Intrekking is geen ‘aanvraag’ bij de vreemdeling, maar een bestuurlijke beschikking; wettelijk is er dus geen vaste lijst verplichte documenten. Tijdens de hoorzitting kunt u wél, om aan te geven waarom de intrekking niet of niet zo zou moeten volgen, onder meer het volgende overleggen of tonen:
- Verklaringen en motiveringsbrieven waaruit blijkt dat geen intrekkingsgrond van toepassing is of dat er wel een rechtvaardige reden is;
- Bewijsstukken dat u de bij de verblijfsstatus horende activiteiten verricht of verricht hebt (arbeidsovereenkomst, loonstroken, school- of stageattest, enz.);
- Bewijsstukken dat u al dan niet als echtgenoot bijbehorende activiteiten uitoefent of uitoefende (inschrijving gemeentelijke basisadministratie, huwelijkscertificaten, uitleg over het gezins- en woonsituatie, enz.);
- uitleg en documenten die aantonen dat u een rechtvaardige reden hebt gehad om geen woonplaats te melden of een onnauwkeurige woonplaats te melden;
- overig bewijsmateriaal dat pleit tegen intrekking.
※ Welk materiaal precies passend is, leidt u af uit de aankondiging van de hoorzitting; volg de instructies van de immigratiediensten. Voor twijfels kunt u de regionale kantoor van de dienst of een specialist (administratieve procedurist, advocaat) raadplegen.
Bron: Intrekking van de verblijfsstatus (art. 22-4) | Immigration Services Agency


